Druk op "Enter" om naar de inhoud te gaan

Toekomstdenken

Wat is het momenteel plezierig om een bezoek te brengen aan het Nieuwe Instituut! De tentoonstelling Nederland op de tekentafel. 100 jaar toekomstideeën biedt precies het soort optimistisch toekomstdenken waar ik aan toe was. Het maatschappelijk debat van de laatst tijd ging vrijwel alleen nog over een vroegere wereld waar we naar terug zouden verlangen of over hoe bedreigend de tijden zijn die op ons afkomen. Dat de toekomst ook iets is waar we zelf een positieve invloed op kunnen uitoefenen – in plaats van een vloedgolf van problemen die ons onvermijdelijk overkomt – lijkt een geluid dat steeds minder klinkt. Niet verwonderlijk, met een premier die ‘visie’ een medische zaak noemde, een minister die trots zijn eigen ministerie ophief en een algemeen geloof in kortetermijn-oplossingen van de markt. Met de huidige verkiezingsuitslag valt al helemaal niet veel te verwachten op het gebied van inspirerende vergezichten of creatieve toekomstbeelden.

Juist daarom is Nederland op de tekentafel zo verfrissend. De tentoonstelling beslaat weliswaar maar de helft van de grote zaal, maar biedt door de veelheid aan maquettes, tekeningen, filmpjes en kaarten genoeg informatie voor een lang bezoek. De opzet leunt sterk op de succesvolle publiekstentoonstelling uit 1987 in de Beurs van Berlage, Nederland Nu als Ontwerp. Onder leiding van stedenbouwkundige Dirk Frieling werden toen vier scenario’s uitgewerkt voor Nederland in het jaar 2050, oftewel 63 jaar vooruit. Ook nu hangen er doorwrochte scenario’s voor de toekomst van Nederland: de vier die het Planbureau voor de Leefomgeving ontwikkelde voor datzelfde 2050, nu al over 27 jaar. Die PBL-scenario’s hebben bij de lancering afgelopen voorjaar veel aandacht gekregen bij vakgenoten, maar (nog) niet bij het grote publiek. Misschien biedt Nederland op de tekentafel daar de gelegenheid toe. Dat het grote publiek daar wel degelijk interesse voor heeft, bleek uit de tentoonstelling uit 1987, die wegens het grote bezoekersaantal indertijd met een maand werd verlengd.

Maar hoe belangrijk en inspirerend deze scenario’s ook zijn, nog veel aanstekelijker zijn alle creatieve experimenten die daarnaast worden getoond. We zien een mix aan invloedrijke ontwerpen van de Nederlandse architectonische canon, nooit gerealiseerde ideeën en visionaire toekomststudies. Pogingen om de wereld te begrijpen, zoals de bijna kubistische tekening Tapijtmetropool van Willem Jan Neutelings uit 1990. We zien pleidooien voor andere vormen van bouwen zoals de schematische vignet-tekeningen van Jan Duiker uit 1930, getiteld de Voordelen van Hoogbouw. We horen Riek Bakker voorspellen in 1987 dat de Groningers een groter aandeel van de opbrengsten van de gasbel zullen gaan opeisen en in de toekomst hun vertrouwen in de democratie zullen verliezen. En we zien in illustraties van Studio Monnik hoe Amsterdam eruit zou kunnen zien als wordt gekozen voor radicale vergroening en biodiversiteit.

De thematische indeling in vier kamers – Toekomstbeelden, Transities, Samen leven en Inspraak! – werkt goed, maar is niet eens echt nodig. Want ook zonder deze thema’s voelt iedere bezoeker: planning is een groot en belangrijk onderdeel van onze cultuur. De tentoonstelling laat zien dat de toekomst van Nederland niet alleen een kwestie is van beleid, politiek of cijfermatige beslissingen, maar bovenal van creativiteit, voorstellingsvermogen, artistieke verbeelding en het gesprek met elkaar. De toekomst van het land maak je niet in één keer, daar gaan vele denk- en ontwerpexcercities overheen; uitgewerkte wilde plannen, krankzinnige scenario’s en heel gedetailleerde modellen. En wanneer die toegankelijk worden weergegeven, kan iedereen daar over meepraten.

Een dergelijk inspirerend geluid heb ik nodig voor het nieuwe jaar en met mij misschien wel vele Nederlanders. Wat mij betreft komt deze tentoonstelling daarom permanent te staan in de passage van het Nieuwe Instituut, de vroegere entree. Gratis toegankelijk voor iedereen die even langs wil lopen. Als toonbeeld waar ons vak voor staat: de toekomst van Nederland gaat over ontwerpen met en voor iedereen.